Waarom een LSA advocaat inschakelen

Letselschade

Er zijn tegenwoordig zeer veel bureaus met letselschadespecialisten. Vaak denkt men te worden geholpen door een advocaat waar dat niet zo blijkt te zijn. Iedereen mag zich letselschadespecialist noemen. Je hoeft er geen opleiding voor te hebben of aangesloten te zijn bij specialisatie verenigingen. Er is vaak ook geen klachtenprocedure.

Een letselschadespecialist mag ook niet procederen en er moet alsnog een advocaat ingeschakeld worden, mocht dit aan de orde zijn.

Er zijn letselschadebureaus die goede specialisten in dienst hebben maar door de bomen is het bos vaak niet meer te zien.

Een advocaat heeft rechten gestudeerd en daarnaast nog een driejarige opleiding tot advocaat gevolgd. Na 2 jaar werkervaring als advocaat op het gebied van personenschade mag je je aansluiten bij de specialisatieverenigingen. Eerst moet je nog wel de postacademische specialisatieopleiding personenschade behalen.

Er zijn strenge eisen gesteld door de Orde van Advocaten maar ook door de specialisatie verenigingen LSA en ASP o.a. verplichte bijscholing en intervisie.

Tevens is er een klachtenprocedure zowel bij de Orde van Advocaten als bij de LSA.

mr. Edith de Koning-Witte is LSA letselschadeadvocaat.

Wettelijke indexering alimentatie voor 2022 bekend!

De minister heeft de wettelijke indexering voor de alimentatie per 1 januari 2022 vastgesteld op 1,9%.

Deze alimentatie indexering is gebaseerd op de bruto bedragen. De berekening van de indexering geschiedt als volgt: neem het alimentatiebedrag van de partner- en/of kinderalimentatie van dit jaar en vermenigvuldig dit bedrag met het indexeringspercentage derhalve per 1 januari 2022 met 1,9%.

Bent u alimentatiebetaler dan dient u de indexering steeds toe te passen. U krijgt daarvan geen bericht. Indien u de indexering niet betaalt, kan uw ex-partner deze zelfs tot vijf jaar terug vorderen.

Vaak wordt gevraagd of de indexering verplicht is.

Ten aanzien van de kinderalimentatie is deze verplicht. Het is een dwingende maatregel. In onderling overleg kan dus van indexering over de kinderalimentatie niet worden afgezien of worden afgeweken.

Ten aanzien van de partneralimentatie kan wel worden afgezien van indexering of er kan een afwijkend percentage worden afgesproken. Die afspraken dienen te worden vastgelegd in een echtscheidingsconvenant.

Hebt u nog vragen over indexatie of andere vragen over alimentatie, neemt u dan gerust contact met ons op.

Liedeke Floris

 

Het kindgesprek: het horen van de kinderen door de rechter.

Nog steeds kom ik in mijn praktijk tegen dat cliënten in een echtscheidingsprocedure denken dat de kinderen zelf mogen kiezen waar ze willen wonen indien ze 12 jaar of ouder zijn.
Het is echter niet zo dat de rechter automatisch de mening van het kind volgt. Dit is een veel gehoord misverstand!
De rechter zal de mening van het kind meenemen in de beslissing, maar het is zeker niet zo dat de mening van het kind doorslaggevend is en dus wordt gevolgd.

Hoe zo’n kindgesprek verloopt blijkt onder andere uit de video van de Rijksoverheid. Middels deze video kunnen ouders en kinderen zich goed voorbereiden op een kindgesprek bij de rechter.

In een procedure tot echtscheiding is de rechter volgens de Wet verplicht om kinderen van 12 jaar en ouder te horen. Het kind krijgt een brief thuisgestuurd van de rechtbank en wordt uitgenodigd voor een gesprek. De brief wordt gezonden naar het adres van het kind volgens de basisadministratie. Meestal is dat het adres van de echtelijke woning waar vaak al de andere ouder uit vertrokken is. Die andere ouder weet dan van niets. Het is dus van belang dat men bewust is van het feit dat de kinderen ouder dan 12 jaar een brief krijgen van de rechter. De ouders zouden dat ook feitelijk samen moeten bespreken met het kind en het kind samen voorbereiden. Maar in een echtscheidingsprocedure is dat zeker geen vanzelfsprekendheid.
De video geeft duidelijkheid en indien de ouders weten dat er een brief van de rechtbank wordt verzonden aan de minderjarige kunnen ze samen of ieder apart deze kwestie met het kind bespreken.

Een kind hoeft niet te komen en kan ook een brief schrijven aan de rechter. Een kind kan er ook voor kiezen om helemaal niet te reageren.

Hebt u vragen over het kindgesprek dan kunt u uiteraard altijd contact opnemen.
Uiteraard kunt u ook met alle vragen rondom de gevolgen van de echtscheiding bij ons terecht.

Coronavaccinatie

Een 12 jarige jongen heeft van de Rechtbank Noord-Nederland toestemming gekregen om zich te mogen laten vaccineren tegen COVID-19 nadat zijn ouders het niet eens konden worden hierover. (ECLI:NL:RBNNE:2021:4096)

Wat was de casus:

De jongen heeft bij de rechtbank verzocht om toestemming te krijgen om zich te laten vaccineren. Hij wilde graag naar zijn oma toe die aan longkanker lijdt en niet lang meer te leven heeft. Nu hij niet was gevaccineerd vond hij dat hij niet zomaar naar zijn oma kon gaan. Hij was bang om haar te besmetten. Een besmetting van zijn oma zou voor haar levensbedreigend zijn.

Sinds begin juli van dit jaar kunnen kinderen van twaalf jaar tot zeventien jaar kiezen voor een coronavaccinatie. Kinderen tussen de twaalf en vijftien jaar moeten dat in overleg met hun ouders doen. Kinderen van zestien en zeventien mogen zelf beslissen of zij een vaccinatie willen.

In deze casus wonen de ouders gescheiden van elkaar en is hun relatie verstoord.

Moeder vindt dat de zoon gevaccineerd moet worden, vader wil dat niet. Vader vindt een vaccinatie te risicovol voor zijn zoon.

De rechter bepaalt dat de zoon wel gevaccineerd mag worden en geeft vervangende toestemming. De rechter geeft aan dat hij het standpunt van vader begrijpt. Er kleven inderdaad risico’s aan de vaccinatie maar bijwerkingen komen zelden voor en indien er sprake is van bijwerkingen, dan kunnen deze goed herkend worden en in bijna alle gevallen is er sprake van volledig herstel van de patiënt.

Daarnaast had de Gezondheidsraad al eerder aangegeven dat kinderen veilig ingeënt kunnen worden en dat het vaccineren van kinderen de verspreiding van het coronavirus remt.

De rechter geeft om die redenen vervangende toestemming aan de jongen om zich te laten vaccineren. Ook geeft de rechter aan dat de prik snel gezet moet kunnen worden vanwege de gezondheidssituatie van de oma. Daarom verklaart de rechter de uitspraak uitvoerbaar bij voorraad. Dit houdt in dat de jongen meteen de prik kan laten zetten en niet hoeft te wachten op een eventuele uitspraak van het Gerechtshof indien de vader in beroep gaat.